Posts Tagged ‘lobbyisten’
Author: adriejan Published: June 21st, 2011

Het zou eens tijd worden. Beter vijftig jaar te laat dan nooit, zullen we maar zeggen.
Uit de Telegraaf :
Het rookgordijn rond lobbyisten wordt opgelost. Een openbaar register moet duidelijk maken welke bedrijven mannetjes naar Den Haag sturen om de politiek te beïnvloeden.
Het presidium van de Tweede Kamer gaat werk maken van een voorstel van de PvdA. Die partij heeft uitgezocht dat 61 bedrijven en personen permanent toegang hebben tot de Tweede Kamer. Daarnaast is er nog een veel grotere groep die incidenteel door de wandelgangen op het Binnenhof struint of in sociëteit Nieuwspoort politici aanschiet voor bijvoorbeeld de gok-, tabaks- of bio-industrie.
“Het moet volstrekt helder zijn wie waarvoor lobbyt”, stelt PvdA-Kamerlid Heijnen. “Zeker als het gaat om oud-Kamerleden zoals Mat Herben en Bert Bakker.”
Voormalig LPF-voorman Herben lobbyt voor de defensieindustrie, terwijl oud D66-Kamerlid Bakker actief is voor het gerenommeerde Haagse lobbykantoor Meines & Partners.
De PvdA wil dat kiezers via een openbaar register op de website van de Tweede Kamer kunnen zien welke bedrijven in Den Haag actief zijn.
Over de staat van de wet- en regelgeving aangaande lobbyen in Nederland, die vergelijkbaar is met die van een bananenrepubliek, hebben we op deze weblog al vaker geschreven. Check:
De kwalijke verstrengeling in Nederland tussen bedrijfsleven en politiek
Het lobbycircus in de Eerste Kamer
Het lobbycircus in de Eerste Kamer, part deux
GeenStijl: buitenlandse financiële invloed op Nederland prima
Lobbyisten in Den Haag
Het komt erop neer dat Nederland, in tegenstelling tot het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten, in Brussel en ga zo maar door, geen regelgeving kent om lobbyen transparant te maken en te reguleren. In Nederland wordt het door de politieke elite als volstrekt normaal beschouwd dat je na je politieke carrière op hetzelfde beleidsterrein, met al je kennis en inside-informatie, in de politiek gaat lobbyen voor grote bedrijven. Want zo gaat dat, in Nederland.
De meest flagrante voorbeelden daarvan zijn zijn niet geheel toevallig te vinden bij het CDA. Camiel Eurlings werd directeur bij KLM na
minister van Verkeer en Waterstaat (die de luchtvaartindustrie zeer goed gezind was) te zijn geweest, en oud-staatssecretaris van Defensie en JSF-fetishist Jack de Vries wordt lobbyist bij “pr-bureau” Hill en Knowlton, dé protagonisten van de JSF-lobby in Nederland. Over de Eerste Kamer moeten we helemaal maar niet beginnen.
De move van De Vries lijkt echter de druppel die de emmer doet overlopen, want voor het eerst ontstaat er iets van publiek protest. En terecht. De volgende stappen na een openbaar register voor lobbyisten (dat, vermoed ik, wel op verzet zal stuiten van VVD, CDA en D66, de partijen met het grootste aantal tussen politiek en lobbyclubs roulerende insiders), zijn het bijhouden van data en tijdsduur van contacten tussen politici en lobbyisten, het verder aan banden leggen van giften, het instellen van ethiekcommissies en het implementeren van een revolving door-beleid. Alleen zo kan van Nederland een volwassen, transparante democratie gemaakt worden.
Zie tenslotte dit uitstekende stukje uit De Pers:
Zelfs de speciale regels van Defensie leggen oud-politici die overstappen naar het bedrijfsleven amper een strobreed in de weg. En dat helpt het imago van de politiek niet echt.
Het klinkt als een geruststelling: Jack de Vries, de goedlachse oud-staatssecretaris van het CDA, mag voorlopig niet lobbyen bij zijn oude baas, het ministerie van Defensie. Want dat heeft als enige departement de regel dat oud-bewinslieden de eerste twe jaar na hun vertrek ‘niet aanvaardbaar zijn als gesprekspartner van of namens het bedrijfsleven’.
Het was de pleister op de wonde, toen bleek dat De Vries een nieuwe baan heeft bij pr-bureau Hill en Knowlton. Dat je met gevoel voor drama de redder van de Nederlandse deelname aan de JSF zou kunnen noemen. Naar verluidt waren het mede hún uitgekiende persberichten over bedreigde banen die de weifelende PvdA overhaalden om een tweede testtoestel aan te schaffen.
Geen wonder dat ze Jack de Vries wel op de loonlijst willen.
Niet alleen de blogosfeer ontplofte, ook de traditionele media reageerden sceptisch. Natuurlijk, oud-politici moeten weer aan het werk, graag zelfs, maar om kennis die ze opgedaan hebben in het algemeen belang persoonlijk te gelde maken, dat riekt naar belangenverstrengeling.
De Vries voegt zich namelijk moeiteloos in het rijtje ex-ministers dat overstapte naar het bedrijfsleven (zie kader). En vaak ook nog naar een branche waar ze als bestuurder direct mee te maken hadden.
Zoals gezegd is Defensie, omdat het zulke grote en gevoelige contracten afsluit, nog het strengst met de twee-jaren-eis. Maar die speciale regel – waar De Vries overigens door NRC Handelsblad op gewezen moest worden – zegt nog niets over de omgang met vertrouwelijke informatie, die De Vries aan Plein 4 ongetwijfeld onder ogen heeft gekregen.
(…)
Want al is de CDA-spindoctor strafbaar als hij uit de school klapt over staatsgeheimen, er is een groot grijs gebied waar hij zijn collega’s uitgebreid over kan tippen – desnoods bij de koffieautomaat.
Sowieso is Nederland geen transparant lobbyland. Anders dan bijvoorbeeld Brussel heeft de Tweede Kamer geen verplicht lobbyregister. Ook zijn er, anders dan in de VS of Groot-Brittannië, geen expliciete regels over de omgang met vertrouwelijke informatie door oud-ministers, die de grootste (bedrijfs-)geheimen door hun handen zagen gaan.
Een lobbygoeroe als Rinus van Schendelen vertrouwt erop dat de schijnwerpers van de media dubieuze deals wel weten te voorkomen, ook zonder extra gedragscodes.
Maar die hadden er toch kunnen zijn. Want er was een moment waarop de Tweede Kamer de regels strenger wilde maken. Dat zit zo.
In september vorig jaarwerd oud-minister van Financiën Wouter Bos partner bij adviesbureau KPMG. Bos is daar de baas van de tak die over de zorg gaat, maar de PvdA’er adviseert ook… de financiële sector.
Ook toen was er ophef. Tegenover de Volkskrant stelde Bos dat ze dat dilemma ‘zorgvuldig gecheckt’ hadden met het ministerie.
Onvoldoende, vond CDA-Kamerlid Ger Koopmans. ‘Dat is me te gemakkelijk: Wouter Bos houdt toezicht op Wouter Bos.’
(…)
Dus diende de christen-democraat in december een motie in om de gedragsregels voor oud-bewindslieden aan te passen, om misbruik van (vertrouwelijke) informatie en de schijn daarvan te voorkomen.
Het was een overtuigend verhaal – de motie werd breed gesteund.
En toen bleef het stil. Het zou tot eind april duren voordat minister Piet Hein Donner namens het kabinet met een antwoord kwam: nieuwe regels zijn niet nodig, want oud-bewindslieden mogen staats- of ambtsgeheimen toch al niet verklappen.
Voor het overige, vervolgde Donner, is het ‘gewenst’ dat een oud-minister niet de schijn wekt dat hij onzuiver handelt. Gewenst dus, maar nul verplichtingen.
Nu was het de beurt aan de Tweede Kamer om stil te blijven. Hé, wat was er gebeurd? Het is niet hard te maken, maar het zou best wel eens te maken kunnen hebben met twee andere opmerkelijke transfers in de tussentijd. Die van Jan Peter Balkenende naar Ernst & Young en vooral: Camiel Eurlings naar KLM. Partijgenoten van Koopmans en Donner…
En zo stierf de motie een stille dood. GroenLinks kondigde monter aan met een eigen initiatief naar Brits voorbeeld te komen, maar dat is nog onzeker. Ineke van Gent: ‘De overstap van De Vries heeft onze fractie wel weer aan het denken gezet. Het gaat erom dat je alle schijn van belangenverstrengeling vermijdt. Hoe je het wendt of keert, dit is niet goed voor het aanzien van de politiek.’
Tot die tijd moeten we De Vries maar op zijn blauwe ogen geloven, die twitterde dat hij zich uiteraard aan de regels zou houden. Om er vrolijk spinnend aan toe te voegen: ’En bovendien, hoezo zou ik Defensie moeten overtuigen van belang JSF, dat zijn ze namelijk al.’
Jack houdt toezicht op Jack.
Tags: bedrijven, Bert Bakker, Camiel Eurlings, CDA, D66, De Pers, Den Haag, ethics commissions, ethiekcommissies, GroenLinks, Jack de Vries, JSF, KLM, lobbyen, lobbyisten, Mat Herben, openbaar register, Pierre Heijnen, PvdA, regulering, revolving door, Telegraaf, transparantie, Tweede Kamer, VVD, Wouter Bos
Category Dutch politics |
Author: adriejan Published: February 25th, 2011

Ik verbaas mij eigenlijk al enige jaren – sinds ik stage liep bij een good government-organisatie in Washington DC, en daar in aanraking kwam met het Amerikaanse stelsel aan wetgeving voor het transparant maken en inperken van lobbyen – over hoe ontstellend weinig aandacht er in Nederland bestaat voor dit onderwerp. In iedere ontwikkelde democratie is de oneigenlijke invloed van externe belangen op de politiek een groot punt op de publieke agenda. Het gaat hier om de toegang van belangen – bedrijfsleven, vakbonden en andersoortige belangen – tot politieke besluitvorming, om de contacten tussen politici en lobbyisten, om giften en cadeautjes, om de revolving door (dat politici direct na hun aftreden voor het bedrijfsleven of andere belangen aan de slag gaan), om de financiering van politieke partijen, enzovoort.
In Nederland mag, wat dit aangaat, werkelijk alles.
Er bestaat in dit land, in tegenstelling tot in andere landen, niet zoiets als wetgeving die de contacten tussen politici en lobbyisten openbaar maakt. Niet zoiets als een lobbyregister. De financiering van politieke partijen is volstrekt ontransparant. En dat oud-politici zeer kort na hun aftreden goedbetaald aan de slag gaan voor bedrijven die eerst voorwerp van hun beleid vormden, is in Nederland de normaalste zaak van de wereld.
Dit is volgens mij een zelfde uitvloeisel van het bestaan van een kleine, regenteske bestuurselite als die de Eerste Kamer doet veranderen in wat lijkt op een lobbycircus.
Het meest recente, flagrante voorbeeld hiervan is wel ex-CDA-kroonprins Camiel Eurlings. Als minister van Verkeer en Waterstaat in het vorige kabinet schiep hij beleid dat zeer gunstig was voor KLM. Zo wilde hij de KLM voor miljoenen tegemoet doen komen in de kosten van de IJslandse aswolk, pleitte hij al snel voor openstelling van het luchtruim, steunde hij een versoepeling van Europese luchtvaartregels, en ging zijn Schipholbeleid ten koste van omwonenden en milieubelangen. En deze zelfde Eurlings wordt nu directeur bij de KLM!
Gelukkig zijn er nog Kamerleden, van GroenLinks en SP, die dit te gortig wordt. Zij pleiten voor een ethische commissie om dit soort gedrag van politici te toetsen (in het buitenland zijn ethics commissions al jaren heel gewoon). Paul de Clerck van de Brusselse lobbywaakhond Alter-EU pleit daarnaast in de Volkskrant voor een ‘afkoelingsperiode’ van drie jaar, waarin oud-ministers niet aan de slag mogen voor een organisatie in de sector waarover ze beleid voerden. En zelf, tenslotte, zou ik willen pleiten voor de invoering van een stelsel van wetgeving dat de contacten in Den Haag tussen politici en lobbyisten grondig reguleert. Hoe verlopen contacten, hoeveel tijd wordt er aan besteed, wat zijn de onderwerpen, wie zijn lobbyist in Nederland, door wie worden partijen medegefinancierd? Enzovoort.
We moeten echt af van het idee in Nederland dat dit soort dingen normaal zijn. Dat zijn ze namelijk niet, niet in het buitenland. Transparantie en regulering zijn de enige manieren om van Nederland weer een volwaardige representatieve democratie te maken.
Paul de Clerck in de Volkskrant:
(more…)
Tags: belangen, belangenverstrengeling, Camiel Eurlings, CDA, Den Haag, ethics commission, GroenLinks, KLM, lobbyen, lobbyisme, lobbyisten, minister, Ministerie van Verkeer en Waterstaat, politici, regulering, revolving door, Schiphol, SP, The Netherlands, transparantie, Tweede Kamer
Category Dutch politics |
Author: adriejan Published: February 22nd, 2011

Wat schitterend dat kritiek op de Eerste Kamer nou eindelijk eens een beetje op gang komt. Want als er één instituut in Nederland is dat wel het summum is van de door CDA, VVD, PvdA en D66 gedomineerde regenteske, bestuurlijke netwerkcultuur, dan is het wel de Eerste Kamer.
Na de vorige golf van kritiek op het lobbycircus in de Senaat, eerder door ons hier besproken, hebben diverse Eerste-Kamerleden de media gezocht met het argument dat de Eerste Kamer ‘bedoeld’ is voor mensen met een bijbaantje. Het is immers een part-timefunctie, en de chambre de réflection is bij uitstek voor mensen met veel ’bestuurlijke ervaring’. En je wilt mensen die veel gedaan hebben voor de maatschappij niet uitsluiten, toch?
Stop, wacht, denk na. Een regentesker argument is eigenlijk niet denkbaar. Het betekent dat je in Nederland blijkbaar moet behoren tot een old boys network vóórdat je redelijkerwijs in aanmerking komt voor zittingname in een democratische volksvertegenwoordiging.
Dat is in de praktijk ook zo: kijk maar naar de epische lijst van commissariaten, bijbaantjes en nevenfuncties van de netwerkkoning CDA-lijsttrekker Elco Brinkman, of de ook niet magere cv’s dienaangaande van VVD-lijsttr
ekker Loek Hermans, PvdA-lijsttrekster Marleen Barth en D66-lijsttrekker Roger van Boxtel. En dan hebben we het nog niet eens over de rest van de lijsten. Stuk voor stuk mensen die de lange mars door de publieke, private en semi-publieke instituties in Nederland wel gemaakt hebben. En zij, met duizend verschillende petten, gaan zo dadelijk in de Eerste Kamer medebeslissen over wetgeving die al hun werkgevers aangaat.
Geen wonder dat er in de Tweede Kamer nu een beweging op gang is, en al wetgeving aangenomen is, om het aantal bijbaantjes van senatoren te beperken tot vijf. Deze wetgeving wordt, jawel, al een jaar getraineerd door de Eerste Kamer. Het bedrijfsleven heeft, ook niet zo verwonderlijk, opgeroepen tegen het wetsvoorstel te stemmen. Uit een analyse van de SP blijkt nu dan ook hoeveel bijbaantjes Eerste-Kamerleden eigenlijk hebben. En dat is niet weinig.
Zie de Volkskrant:
Van de zittende leden van de Eerste Kamer heeft 8 procent vijf of meer zware commissariaten of bestuursfuncties. De Tweede Kamer nam in 2009 een voorstel aan om het aantal zware bijbanen in de senaat te beperken tot vijf.
Het gemiddelde aantal bijbanen per senator is zeven. Koplopers in het verzamelen van nevenfuncties zijn senatoren van het CDA, de VVD en de PvdA. De bijbanen variëren van kerkbestuurder tot toezichthouder bij een groot bedrijf.
Dit blijkt uit een analyse van de Socialistische Partij. Het SP-Tweede Kamerlid Ewout Irrgang diende in december 2009 een voorstel tot wetswijziging in om het aantal bijbanen te beperken. Irrgang vreest kwaliteitsverlies als veel toezichthoudende functies en commissariaten naar een kleine groep mensen gaan.
(…)
Het voorstel van Irrgang werd door een meerderheid in de Tweede Kamer aangenomen, maar wacht al ruim een jaar op behandeling in de Eerste Kamer. ‘Ik kan concluderen dat senatoren de boel traineren’, zegt Irrgang. Uit zijn analyse blijkt dat vier Eerste Kamerleden (VVD, twee maal CDA, PvdA) boven zijn norm uitkomen en twee (CDA, D66) het maximum hebben bereikt.
Irrgang heeft ook Elco Brinkman de loep genomen. Die is weliswaar lijsttrekker voor het CDA, maar nog geen lid van de senaat. Hij heeft negen functies, waarvan er vijf onder de code van Irrgang vallen.
(…)
Vorig jaar riep het bedrijfsleven de senatoren op, tegen het voorstel van Irrgang te stemmen. Het vreest ‘een schaarste’ aan commissarissen. Pikant is de handtekening van VVD-senator en lijsttrekker Loek Hermans onder de brief in zijn rol als voorzitter van MKB-Nederland. Hij heeft achttien bijbaantjes, waaronder enkele zware commissariaten.
(…)
Het beperken van bijbanen doorbreekt volgens Irrgang de concentratie van macht bij een kleine groep mensen, het zogeheten old boys network. ‘De cultuur van ons-kent-ons komt de kwaliteit van het toezicht niet ten goede. Kijk naar de financiële instellingen: bij de crisis is gebleken dat het toezicht onvoldoende is uitgeoefend. Kijk ook naar de zorginstellingen die bijna failliet gingen, zoals Meavita, waar Hermans toezichthouder was, en Philadelphia, waar Brinkman actief was’, zegt hij. Voor zijn analyse maakte hij gebruik van de informatie op de site van de Eerste Kamer en het handelsregister van de Kamer van Koophandel.
De wetswijziging van Irrgang is gebaseerd op de zogeheten Code Frijns: de gedragsregel die voorschrijft dat commissarissen en toezichthouders nog maar vijf soortgelijke functies mogen bekleden. Die code geldt alleen voor beursgenoteerde bedrijven. Irrgang gaat verder. Hij wil zijn voorstel ook toepassen op niet-genoteerde stichtingen en instellingen. Morris Tabaksblat, de bedenker van ethische normen in het bedrijfsleven, zei vorig jaar in het tv-programma EenVandaag dat een teveel aan nevenfuncties slecht is voor het toezicht. ‘Als je die lijst doorspit, dan denk ik: hoe krijg je dit allemaal voor elkaar in een normale werkweek, of zelfs in een extra werkweek?’
(…)
Uit de analyse blijkt Loek Hermans de meeste (achttien) bijbanen te hebben. Behalve commissaris is hij adviseur bij twee accountants. Senator en hoogleraar Karel Leunissen (CDA) en Eerste Kamervoorzitter René van der Linden (CDA) zijn runners up met zeventien nevenfuncties. Daar zijn geen zware bestuursposten bij.
(…)
Het lidmaatschap van de Eerste Kamer is geen voltijdbaan. Senatoren krijgen een vergoeding van een kleine 2.000 euro per maand, en een eindejaarsuitkering. De senaat vergadert een dag per week, op dinsdag. Het hebben van nevenfuncties is nog niet gereglementeerd. Senatoren stellen dat zij daarmee midden in de maatschappij staan en zo expertise uit de praktijk kunnen inbrengen.
Tags: adviesfuncties, bedrijfsleven, belangen, bijbaantjes, CDA, D66, Eerste Kamer, Elco Brinkman, Ewout Irrgang, invloed, lobbyisten, Loek Hermans, Marleen Barth, netwerken, Provinciale Statenverkiezingen 2011, PvdA, Rogier van Boxtel, SP, VVD
Category Dutch politics |
Author: adriejan Published: January 27th, 2011

Heel lang geleden, toen Pasen en Pinksteren nog op één dag vielen, pleitte de antirevolutionaire politiek leider Abraham Kuyper voor het omvormen van de Eerste Kamer naar een “belangenkamer” (zie: A. Kuyper, Handenarbeid, 1889). In plaats van vertegenwoordigers van, toen nog, een territoriaal district, zouden in deze belangenkamer afgevaardigden moeten zitten van belangrijke groepen en entiteiten in de samenleving: de kerk, de universiteit, de vakbond, de werkgevers, enzovoort. Een dergelijke corporatistische vertegenwoordiging zou volgens Kuyper een betere afspiegeling van de samenleving zijn dan één die gebaseerd was op het algemeen kiesrecht.
Kuyper heeft zijn plannen er nooit door gekregen. Maar anno 2011 lijkt het erop dat zijn ideeën meer dan ooit bewaarheid zijn. Check dit artikel in Trouw, over het “lobbycircus” in de Eerste Kamer. Volgens D66-kandidaat Ernst Bakker ‘dreigen’ Eerste Kamerleden ‘veredelde belangenbehartigers’ te worden. Het Kamerlidmaatschap wordt in toenemende mate gecombineerd met hoge nevenfuncties in het bedrijfsleven, in de semi-overheid, of bij ngo’s.
Ik zeg ‘dreigen’? Kijk eens wie de D66-lijst aanvoert: Rogier van Boxtel. Tegenwoordig bestuursvoorzitter van zorgverzekeraar Menzis. Kijk wie de PvdA-lijst aanvoert: Marleen Barth, voorzitter van GGZ Nederland, de grootste werkgeversorganisatie in de geestelijke gezondheidszorg. Helemaal bont maakt de VVD het, met Frank de Grave. Oud-voorzitter van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa), en nu voorzitter van de Orde van Medisch Specialisten.
Maar het CDA spant wel de kroon, want hun lijstaanvoerder is *roffel* Elco Brinkman. Lobbykoning nummer één in Nederland, jarenlang bovenaan in Volkskrant-lijstjes van meest invloedrijke Nederlanders. Een grotere netwerker bestaat niet. De lijst aan nevenfuncties, commissariaten en adviesfuncties die deze man heeft bekleed zou deze halve blog vullen.
En weet u wat nou het aardige is? Dat diezelfde Eerste Kamer als waar deze belangenbehartigers zo dadelijk in komen, thans wetgeving traineert waarmee het aantal nevenfuncties voor bestuurders drastisch ingeperkt wordt. Deze wetgeving is al anderhalf jaar geleden door de Tweede Kamer aangenomen, maar de Eerste Kamer weigert het in stemming te brengen. Dat is namelijk zo’n beetje het enige machtsmiddel dat de Eerste Kamer heeft.
Ach ja, Nederland. Misschien is het wel aardig om deze informatie in uw achterhoofd te houden, wanneer u zo dadelijk gaat stemmen voor de Provinciale Staten.
Trouw:
Eerste Kamerleden dreigen veredelde belangenbehartigers te worden. De Kamer dreigt ‘één groot lobbycircuit te worden’, zegt afzwaaiend burgemeester van Hilversum Ernst Bakker (D66) woensdag in het Nederlands Dagblad. “Ik zou bijna zeggen: lobbycircus.”
Bakker heeft er kritiek op dat mensen hun Kamerlidmaatschap combineren met hoge functies in het bedrijfsleven, soms zelf bij lobbygroepen zoals Bouwend Nederland. Dan ontstaat volgens hem de indruk dat er mensen in de Kamer zitten die ook andere belangen dienen.
EenVandaag:
De wetgeving waarmee het aantal nevenfuncties voor bestuurders drastisch ingeperkt moet worden, wordt door de Eerste Kamer op de lange baan geschoven. Dat stelt een meerderheid van SP, PvdA, PVV en GroenLinks in EenVandaag.
De partijen verwijten de Eerste Kamer wetgeving te traineren door een omstreden wetsvoorstel over de inperking van het aantal nevenfuncties te weigeren in stemming te brengen. Het wetsvoorstel –goedgekeurd door de Tweede Kamer- wacht inmiddels anderhalf jaar op stemming. Hero Brinkman in EenVandaag: “Het is het enige machtsmiddel dat de Eerste Kamer heeft, namelijk traineren, niets is erger dan de wil van volk niet uitvoeren en dat is wat deze Eerste Kamer doet. Er is een complete cultuur van belangenverstrengeling in de Eerste Kamer.” Die belangenverstrengeling door de vele nevenfuncties van Eerste Kamerleden is volgens de kamermeerderheid de reden voor de vertraging.
Tags: Abraham Kuyper, adviesfuncties, belangen, CDA, corporatisme, D66, Eerste Kamer, Elco Brinkman, Frank de Grave, GGZ Nederland, invloed, lobbyen, lobbyisten, Menzis, Nederlandse Zorgautoriteit, netwerken, Provinciale Statenverkiezingen 2011, PvdA, Rogier van Boxtel, Tweede Kamer, volksvertegenwoordiging, VVD
Category Dutch politics, history |
Author: adriejan Published: December 1st, 2010

De PvdA in de Tweede Kamer stelt voor om buitenlandse giften aan politieke partijen te verbieden. Een uitstekend idee, leek mij.
In een democratie win je invloed door middel van stemmen. Daarnaast kun je je als burger of bedrijf organiseren, en proberen middels belangengroepen invloed op besluitvorming uit te oefenen – al wordt dat wanneer transparantie ontbreekt al wat minder zuiver. Geld zou echter niet het medium moeten zijn via welke je invloed uitoefent. En zeker niet geld dat uit het buitenland komt.
Bij GeenStijl, de nobele voorvechters van de democratie, de stem van het volk, denken ze daar echter anders over. Dáár vinden ze het prima wanneer hyperconservatieve foundations uit Amerika, of pro-zionistische organisaties uit Israël invloed kopen op besluitvorming voor de Nederlandse burger. Witness:
Grenzeloze PvdA-hypocrisie. De sociaaldrammers hebben een ingenieus plan bedacht om de PVV aan te pakken. Niet door het debat eens op argumenten en een beetje schwung te winnen. Dat kan veel eenvoudiger. Gewoon door de geldkraan dicht te draaien. Zo regel je dat in een moderne democratie. Iemand niet van het sociaal democratische slag? Dan ook geen centjes. PvdA-faalhaas Pierre Heijnen: “Er gaan verhalen dat Wilders zijn geld krijgt uit de Verenigde Staten of Israël, dat moeten we niet willen”. Voor de gelegenheid wordt er ook een vaderlandslievend tintje tegenaan gegooid. “In Nederland voeren we binnenlandse politiek“. Mooi. Gaan we nu eens kijken hoe het bij de PvdA zelf zit. Blijken ze een complete buitenlandafdeling te hebben voor internationale inmenging het ondersteunen van socialistische partijen in de buitenlanden. Alfred Mozer Stichting is de naam. “De AMS ondersteunt landen in Oost- en Zuid-Oost Europa en de Kaukasus bij het ontwikkelen van een stabiele (sociaal)democratie door middel van training en onderwijs.” Wordt bekostigd met een financieringsconstructie van rijksoverheid en PvdA. Vakantiekiekjes van de PvdA-avonturen in socialistische heilstaten van morgen vindt u hierrr. Ha, wat leuk, een oude bekende! Marokko, Armenië, Georgië, Oekraïne en Oezbekistan. Binnenlandse politiek volgens de PvdA. Pierre Heijnen: “Dit is niet PVV-pesten”.
Toen ik dit las, dacht ik even: “Verrek, ze hebben een punt.” Maar nee, even doordenkend hebben ze dat zoals gewoonlijk niet. Elke politieke partij, in binnen- en buitenland, is georganiseerd in internationale netwerken die uitwisseling van ideeën en verspreiding van het eigen gedachtegoed tot doel hebben. De VVD en D66 zijn lid van de Liberale Internationale. Het CDA heeft een eigen stichting, de Eduardo Frei Foundation, die zusterpartijen in Midden- en Oost-Europa ondersteunt. Enzovoort.
Training en onderwijs geven en congressen organiseren is natuurlijk iets volstrekt anders dan het plompverloren geven van zakken geld – hetgeen bij de PVV in duistere, schimmige constructies gebeurt. Bij geen enkele andere partij zie je bovendien zo’n duidelijke één-op-één doorwerking van de belangen van financiële sponsoren in het uitdragen van standpunten. Tijd dat aan deze volksverlakkerij een einde komt; ook al vindt GeenStijl van niet, de Nederlandse burger heeft er recht op te weten waar zijn volksvertegenwoordigers hun geld vandaan halen, en gevrijwaard te blijven van buitenlandse financiële invloed. Hulde daarom voor de PvdA.
Tags: democratie, GeenStijl, lobbyen, lobbyisten, partijfinanciering, PvdA, PVV
Category Dutch politics |
Author: adriejan Published: August 19th, 2010

Aardig artikeltje in de Volkskrant, dat een impressie geeft van het werk van lobbyisten in Den Haag.
Het blijft echter bij een impressie, en dan nog een koddige ook. Niet verwonderlijk, want dat is de manier waarop er in Nederland wel vaker over lobbyisten in de politiek wordt gedacht: een bijverschijnsel, weinig nieuwswaardig, waar zo af en toe eens wat aandacht aan wordt besteed. Wat een verschil met de Verenigde Staten, waar de invloed van “special interests” op het politieke proces een lopend thema is waar voortdurend over wordt gedebatteerd. Sterker, als er één issue is waar elke politicus (en vooral Obama) zich op profileert, dan is het wel het bevechten van de “special interests” ten gunste van het publieke belang.
Het Amerikaanse systeem zit dan ook anders in elkaar: iedere volksvertegenwoordiger is een “policy entrepreneur” met een eigen rijkje en veel macht, waar zwermen lobbyisten op afkomen. In Nederland verloopt het politieke proces via partijen veel gecentraliseerder. Tegelijkertijd wordt er in wetgeving in de V.S. wel veel meer aandacht besteed aan het inzichtelijk maken en inperken van het lobbyen: vanaf de negentiende eeuw is er gebouwd aan een stelsel van wetgeving dat het bedrijven, vakbonden en de tienduizenden andersoortige belangengroepen in meer of minder mate verbiedt rechtstreeks geld of donaties aan politici te schenken; de tijd transparant maakt die een politicus doorbrengt met een lobbyist; het verplicht maakt giften openbaar te maken, enzovoort. Of het werkt is een tweede, maar er wordt tenminste over nagedacht, en door good government groepen als Common Cause stevig voor (jawel) gelobbyd.
En terecht: want in een systeem waarin de stem het mechanisme is waarmee invloed op beleid zou moeten worden bepaald, wringt het wanneer geld dit gaat doen.
In Nederland, echter, bijna niets van dit alles. Op de site van de Tweede Kamer kun je een openbaar register vinden met geschenken, reizen, nevenfuncties en andere inkomsten van Kamerleden sinds enkele jaren (zo kreeg Jeroen Dijsselbloem op 13 januari 2009 een das ter waarde van een tientje van Plan Nederland, en een cd van Coldplay voor zijn bijdrage aan een integratiedebat), maar dat is klein bier. Wetgeving die de financiering van politieke partijen openbaar zou moeten maken is er absurd genoeg nog steeds niet, waardoor het volstrekt onduidelijk is door wat voor bedrijven, organisaties of individuen politieke partijen in Nederland (mede)gefinancieerd worden. En van wetgeving die scherp zou moeten stellen hoe lobbyisten politici benaderen, met wie ze spreken, hoe vaak ze dat doen en hoeveel tijd ze daaraan kwijt zijn, zoals die in Amerika bestaat, hebben we hier nog nooit gehoord.
Wat er wel is, zijn lobbyseminars, een beroepsvereniging voor lobbyisten (met een lobbyhandvest), een lobbyblog en een lobbycongres.
En dan, tot slot, hebben we het alleen maar over de Tweede Kamer. Regering, fractiemedewerkers, ambtenaren en (semi)-publieke sector worden nog buiten beschouwing gelaten. Het wordt tijd, kortom, dat dit ondoorzichtige proces transparant gemaakt wordt. Want de invloed van lobbyisten op de Haagse politiek, en daarmee op wetgeving die voor iedereen geldend is, is iets waar nu slechts naar gegist kan worden.
De Volkskrant:
Elke dinsdag, aan het begin van de parlementaire week, trekken ze met rolkoffers Den Haag binnen, op weg naar hun kantoor op Het Plein. Het zijn de lobbyisten die politici doordeweeks bewerken, die graag willen dat hún goede plannen tussen de oren van de Kamerleden komen.
Nu , tijdens de formatie, moeten ze oogsten, nu besluiten worden genomen over bezuinigingen voor de komende jaren. Waar vallen de klappen? Aan de lobbyist de taak te zorgen dat deze niet te hard bij zijn broodheer (belangenclub) aankomen.
Op het eerste gezicht zijn het dus topdagen voor lobbyisten. Nu moeten ze de onderhandelaars van VVD, CDA en PVV het laatste zetje geven om het ‘goede’ besluit te nemen, of het nu over provincies, waterschappen, gemeenten, de politie, de omroepen, het onderwijs, de vakbeweging, ondernemers – of wat dan ook gaat.
Dagelijks worden brieven van burgers en pressiegroepen afgeleverd bij de informateur; de teller staat nu op 347. Ter vergelijking: in 2007 kwamen er 488 binnen en in 2003 waren dat er 553. Ze komen van professionele lobbyisten als de energieclubs, van gemeenten en van enkele bezorgde burgers. Van een van die laatsten werd de brief onder het kopje ‘sollicitatie’ gearchiveerd.
(…)
Veel brieven blijven ongelezen. Een enkele keer trekt een onderhandelaar een brief uit de stapel op een bureau bij de informateur. Maar meestal is een club die het van een briefje moet hebben al te laat. Een beetje lobbyist heeft jaren gewerkt aan relaties in de politiek. ‘Een kwestie van delen’, zeggen Kamerleden en lobbyisten.
Nieuwe parlementariërs krijgen vaak een portefeuille waarvan ze weinig tot niets afweten. Ze hebben informatie nodig, weet de lobbyist – en deze is natuurlijk bereid wat kennis ‘te delen’. Immers: de politicus wil graag ‘met een leuk dingetje scoren’, en daar helpt een lobbyist wat graag aan mee.
Het is onduidelijk hoeveel lobbyisten in Den Haag rondzwermen, maar ze zitten overal. Op Het Plein, cirkelend rond politici op het terras; in sociëteit Nieuwspoort, het etablissement voor journalisten en politici; en in de wandelgangen van het parlement. Alleen de burelen van de SP en de PVV zijn soms moeilijk te bereiken.
Een goede lobbyist werkt aan ‘mooie, langdurige’ relaties, wordt gezegd. ‘Het moet zo zijn dat als ik nu bel, ze de telefoon aannemen omdat ze zien dat ik het ben.’ Maar inderdaad, soms komt een opdrachtgever gewoon niet tussen de oren. Niet ongebruikelijk is het om dan een oudere of gehandicapte een ‘burgerbriefje’ te laten schrijven.
Tags: Den Haag, lobbyen, lobbyisten, openheid, politici, special interests, transparantie, Tweede Kamer, Verenigde Staten, wetgeving
Category Dutch politics, U.S. politics |